Digitale toegankelijkheid

Impactanalyse virtuele identiteit

In opdracht van de Rijksdienst voor Identiteitsgegevens (RvlG) is een impactanalyse uitgevoerd op de uitgifte van het nieuwe authenticatiemiddel vID. De impactanalyse is in februari 2020 opgeleverd

Doel van dit product

Realiseren op termijn van een nieuwe verschijningsvorm van een reis-/ identiteitsdocument dat de regie op gegevens van de Nederlandse burger vergroot, privacy waarborgt, gebruiksvriendelijk is en tegemoet komt aan de verwachtingen van deze tijd.

Waarom

Binnen de overheid wordt gewerkt aan de ontwikkeling van middelen die de elektronische dienstverlening faciliteren. Eén van deze ontwikkelingen is het project virtuele identiteit (vID). VID is een nieuwe verschijningsvorm van een reis-/ identiteitsdocument dat de regie op gegevens van de Nederlandse burger vergroot, privacy waarborgt, gebruiksvriendelijk is en tegemoet komt aan de verwachtingen van deze tijd. Op dit moment bestaat vID nog niet daadwerkelijk in productievorm, er is een prototype ontwikkeld voor de praktijkbeproeving. 

De inwoner installeert vID als applicatie op de smartphone. Op deze manier kan de inwoner zijn of haar gegevens gemakkelijk en veilig gebruiken, zowel richting publieke als private dienstverleners. Verificatie van vID geschiedt op basis van visuele en mechanische inspectie. Gedurende de pilot is voor deze verificatie gebruik gemaakt van een centrale voorziening, waar alle geactiveerde vID’s in staan opgenomen. 

Gemeenten zijn de beoogd uitgevende instanties van vID. Dit betekent dat vID voor de gemeente mogelijk een nieuw product gaat worden dat zij beschikbaar moet stellen aan de Nederlandse burger. RvIG heeft een praktijkbeproeving gedaan in twee gemeenten: Utrecht en Eindhoven. In de beproeving speelden de gemeentebalies een belangrijke rol in het testen van het aanvraag- en uitgifteproces van vID, gebaseerd op de reeds aanwezige expertise voor het uitgeven van fysieke identiteitsdocumenten. 

Het doel van de vID beproeving in deze fase was het onderzoeken van de technische, maatschappelijke en juridische haalbaarheid. RvIG heeft de verschillende onderzoeksterreinen door verschillende partijen laten onderzoeken.  

Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) is gevraagd om een impactanalyse op de uitgifte van het nieuwe authenticatiemiddel vID te doen. VNG Realisatie heeft deze analyse in samenwerking met de Nederlandse Vereniging voor Burgerzaken (NVVB) uitgevoerd. 

In het rapport worden alle inhoudelijke aspecten gedetailleerd beschreven. In de kern komt het erop neer dat vID een kansrijke ontwikkeling is, die nog niet tot een voldragen product heeft geleid. 

De uitkomsten van de pilot geven aanleiding tot een vervolg. Om uitspraken te kunnen doen over opschaling is het ten zeerste aan te bevelen om een representatieve praktijkbeproeving te doen (zowel qua product als deelnemende gemeenten). Randvoorwaardelijk aan de volgende praktijkbeproeving is het maken van een aantal beleidskeuzes ten aanzien van de werking van vID. Het is aan te bevelen de benodigde beleidskeuzes, herontwerp- en toetsingsactiviteiten op korte termijn te starten. Alleen op die manier kan de benodigde implementatie bij opschaling ruim voor de komende burgerzakenpiek van 2024 in gang worden gezet. 

De resultaten van de analyse zijn hieronder samengevat gepresenteerd aan de hand van de beantwoording van de onderzoeksvragen (vetgedrukte kopjes in deze toelichting). Een uitgebreidere -uitgeschreven- beantwoording is terug te vinden in hoofdstuk vier van het rapport.

Wat wijzigt er in de werkwijze van de gemeente door de nieuwe regelgeving?

vID is niet zozeer een wijziging, maar een geheel nieuwe dienst bovenop de bestaande activiteiten die reeds aan een balie worden uitgevoerd. Indien dit proces goed doordacht wordt uitgewerkt, in lijn met de werkwijze uit deze praktijkproef, dan moet het mogelijk zijn om de uitgifte van een vID op een gestandaardiseerde wijze bij gemeentebalies te implementeren. Voorwaarde daarbij is wel een uniform kennis- en opleidingsniveau.

Wat betekenen deze veranderingen voor de gemeentelijk organisatie?  

Deze nieuwe dienst heeft qua handelingen op een aantal punten overeenkomsten met de aanvraag en uitgifte van een paspoort of ID-kaart, maar vanwege de benodigde interactie met een smartphone door de burger komt daar een extra element bij. Tot op heden is hier geen ervaring mee. In die zin is dit een additionele taak voor gemeenten, waarbij nog niet bekend is tot welk dienstverleningsniveau een gemeentemedewerker mee kan gaan. 

Is de gemeente voldoende toegerust voor een doeltreffende uitvoering?

Nee, nog niet. Om vID’s te kunnen uitgeven worden er effecten verwacht op meerdere onderdelen van de bedrijfsvoering. Een deel van deze effecten zijn nog onvoldoende inzichtelijk te maken vanwege het onvoldragen karakter van vID. Wanneer vID een volwaardig product wordt, dat kan worden opgenomen in het gemeentelijk portfolio, heeft dat gevolgen voor een aantal onderdelen van de gemeentelijke bedrijfsvoering, te weten dienstverlening, organisatie, personeel, financiën, techniek en huisvesting. De belangrijkste zijn:

  • Het correct vaststellen en vastleggen van identiteiten is een belangrijke taak van burger-zaken. Om een vID te activeren dient de baliemedewerker over voldoende competenties te beschikken om met zekerheid de identiteitsvaststelling te kunnen uitvoeren. Het opleidingsniveau van de baliemedewerkers in Nederland is nu nog niet uniform. Om een identiteit correct vast te stellen, is een gestandaardiseerde opleiding een vereiste. 
  • Gemeenten verwachten de komende jaren onvoldoende capaciteit beschikbaar te hebben, zowel qua personeel als budget voor opleiding van nieuwe medewerkers. Indien er aanvullende financiële middelen beschikbaar worden gesteld, blijft werving van het juiste personeel een uitdaging. Daarnaast is de mogelijkheid tot permanente scholing van deze medewerkers gewenst, zeker gezien het te verwachten verloop. 
  • Naast de competenties die nodig zijn voor de identiteitsvaststelling is er behoefte aan training en ondersteuning voor technische en inhoudelijke vragen van inwoners aan de baliemedewerker. Daarbij is het van belang te bepalen tot waar de dienstverlening van een gemeente gaat en wanneer de aanvrager wordt doorverwezen naar een andere instantie (bijvoorbeeld een DigiSterker-cursus)
  • Op dit moment is er nog geen beleidskeuze gemaakt over de beprijzing en bekostiging van een vID. Het is van belang om hier duidelijkheid over te krijgen. Naast dat duidelijkheid helpt in communicatie naar gemeenten en inwoners toe heeft het ook een hele praktische reden: als er betaald moet gaan worden, vraagt dat om een extra toe te voegen processtap.

Een deel van de reguliere vragen in een impactanalyse zijn vanwege de beperkte omvang van de praktijkproef en het experimentele karakter van vID en het uitgifteproces in overleg met RvIG buiten scope geplaatst voor deze analyse. Het betreft hier de volgende onderdelen, deze moeten in een vervolgfase wel worden onderzocht:

  • Welke kosten voor de gemeentelijke uitvoering zijn aan deze werkwijze verbonden?
  • Wat zijn de verwachte effecten van de werkwijze?
  • Hoe kunnen veranderingen worden geïmplementeerd en wat zijn de randvoorwaarden en risico’s?

Gedurende de looptijd van de praktijkproef zijn er een aantal andere ontwikkelingen in beeld gekomen die ook aanspraak willen maken op baliecapaciteit. Gemeenten, NVVB en VNG hebben zich positief opgesteld ten opzichte van de ontwikkelingen rondom eID en digitale identiteit. Er zit echter wel een maximum aan met name de beschikbaarheid van fysieke balies en de benodigde capaciteit om deze op een hoogwaardige manier te bemensen. Dit is randvoorwaardelijk bij het werken met identiteitsvaststelling. 

Daarom zijn beleidskeuzes aangaande ontwikkelingen rondom digitale identiteit en eID zeer wenselijk, om niet te zeggen randvoorwaardelijk. Er is volgens gemeenten behoefte aan, maar ook slechts ruimte voor één bronidentiteit wanneer deze uitgegeven gaat worden aan de gemeentebalie, om overzicht voor burger te bewaren en overbelasting van de balie te voorkomen. Afgeleide varianten kunnen vervolgens op basis van deze bronidentiteit naar eigen inzicht, binnen de (deels nog te vormen kaders onder de Wet Digitale Overheid) aanvullende mogelijkheden ontwikkelen. Hoe dit zich ontwikkelt de komende periode, is nu nog ongewis.

Download de impactanalyse virtuele identiteit.