Ondernemers

Tozo verlengd tot 1 juli 2021, met toets op beschikbare geldmiddelen

Op vrijdag 28 augustus heeft het kabinet aangekondigd dat de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) wordt verlengd tot 1 juli 2021. Deze ‘Tozo-3’ is in grote lijnen gelijk aan de voorgaande regelingen, maar bevat een toets op beschikbare geldmiddelen. De Tozo-3 is onderdeel van het brede pakket aan maatregelen voor het ondersteunen van economie en arbeidsmarkt in de coronacrisis. Vandaag stuurde het kabinet een brief naar de Tweede Kamer over alle maatregelen in het nieuwe noodpakket. De verlenging van de Tozo is tot stand gekomen in goed overleg tussen SZW, VNG, Divosa en enkele gemeenten.

Tozo-3 in het kort - Zelfstandig ondernemers die in de problemen komen door de coronacrisis kunnen voor de periode van 1 oktober 2020 tot 1 juli 2021 een uitkering levensonderhoud aanvragen ter hoogte van het sociaal minimum (bijstandsnorm); - Wie als ondernemer al een uitkering levensonderhoud Tozo-2 kreeg, kan via een mutatieformulier Tozo-3 aanvragen; - Met betrekking tot de lening bedrijfskapitaal zijn er in Tozo-3 geen grote wijzigingen in de voorwaarden ten opzichte van Tozo-2. Er kan een lening bedrijfskapitaal worden aangevraagd tot 1 juli 2021 tot een maximum van € 10.157,- (tenzij dit maximale bedrag al geleend is onder Tozo 1 en/of 2).

Toegevoegd aan Tozo-3: toets op beschikbare geldmiddelen

De Tozo is een bijstandsregeling. In beginsel is bijstand beperkt tot personen die niet over de middelen beschikken om te voorzien in de noodzakelijke kosten van het bestaan. Bij de invoering van de Tozo in het begin van de coronacrisis is er om uitvoeringstechnische redenen gekozen om het vermogen van de zelfstandige buiten beschouwing te laten bij het vaststellen van het recht op Tozo. Nu het beroep op de Tozo is afgenomen, kunnen gemeenten wel een beperkte vorm van een vermogenstoets (toets op beschikbare geldmiddelen) uitvoeren.

De toets op beschikbare geldmiddelen houdt in dat zelfstandig ondernemers niet in aanmerking komen voor uitkering levensonderhoud als zij onderdeel zijn van een huishouden dat beschikbare geldmiddelen van opgeteld meer dan € 46.520 bezit. Het volgende telt mee bij deze toets: contant geld, bank- en spaartegoeden en beleggingen (aandelen, obligaties, opties e.d.). Zaken als de eigen woning, een bedrijfspand, machines, zakelijke apparatuur en voorraden tellen niet mee.

De zelfstandig ondernemer verklaart bij de aanvraag voor Tozo-3 dat zijn beschikbare geldmiddelen en die van zijn huishouden (inclusief dat van een eventuele partner en inwonende kinderen jonger dan 18 jaar) niet meer dan € 46.520 bedraagt. Gemeenten mogen afgaan op de verklaring van de ondernemer, met steekproefsgewijze controle achteraf.

Over de nadere invulling van de toets op beschikbare geldmiddelen wordt naar verwachting vrijdag 4 september gecommuniceerd door SZW, VNG en Divosa. Op die dag verschijnt ook een Toolkit Tozo-3.

Ondersteuning gemeenten bij uitvoering Tozo-3 Net als in Tozo-1 en Tozo-2 zijn voor gemeenten verschillende tools beschikbaar om de uitvoering van Tozo-3 te ondersteunen. De Toolkit Tozo-3 bevat:

  • Model aanvraagformulieren voor verlenging Tozo-3 en voor nieuwe aanvraag Tozo-3
  • Websitetekst en modelbrief
  • Handreiking Tozo - aangevulde versie
  • Modelbrieven en -beschikkingen

Let op! Gemeenten wordt geadviseerd om met het aanpassen van de uitvoeringsprocessen te wachten tot de Toolkit voor Tozo-3 is gepubliceerd.

Aanpassing processen en beschikken Ook de Q&A’s op rijksoverheid.nl en vng.nl/tozo worden zo snel mogelijk in lijn met Tozo-3 aangepast. De verlenging van de Tozo is formeel van kracht als de AMvB is gepubliceerd. De publicatie wordt verwacht in de eerste weken van oktober. Uitvoeringsprocessen bij gemeenten kunnen vanaf de publicatie van de Toolkit (die is in lijn met de latere AMvB) worden aangepast, maar er kan pas beschikt worden na publicatie van de AMvB. Over de uitvoeringskosten is afgesproken dat gemeenten net als voor Tozo-1 en Tozo-2 voor de uitvoeringskosten gecompenseerd worden. Het Rijk maakt hiervoor nadere afspraken met VNG en Divosa.

Ondernemers ondersteunen om zich te oriënteren op de toekomst Per 1 januari 2021 start een volgende fase van de Tozo. Het kabinet vindt het belangrijk dat zelfstandig ondernemers die ook de komende periode geen inkomsten hebben en afhankelijk zijn van een Tozo-uitkering, zich breder oriënteren op de arbeidsmarkt. Gemeenten krijgen daarvoor extra middelen. Gemeenten zullen samen met de zelfstandig ondernemers inventariseren of en welke ondersteuning van de zelfstandig ondernemer nodig is. Dit kan bijvoorbeeld gaan om coaching, advies, bij- of omscholing en heroriëntatie. De Participatiewet biedt gemeenten de mogelijkheden om dit maatwerk te bieden. SZW, VNG en Divosa werken samen met gemeenten en ondernemersorganisaties uit hoe deze aandacht op heroriëntatie van zelfstandig ondernemers landelijk kan worden gefaciliteerd. Gemeenten worden hierover later geïnformeerd.

1 juli 2021 Besluit Bijstandsverlening Zelfstandigen (Bbz)

Ook na het aflopen van de Tozo-3 biedt de gemeente ondersteuning aan zelfstandig ondernemers in nood. Het uitgangspunt is dat vanaf 1 juli 2021 het Bbz weer het reguliere vangnet voor zelfstandigen is.